Laten we het Bed Verplaatsen

Laten we het Bed Verplaatsen

Zari ligt op Lily haar bed naar het plafond te kijken.
418Lily, je kamer is erg saai. Je moet je meubels eens verplaatsen.
416Nee, ik vind mijn kamer goed zoals hij is.
418Laten we het bed in die hoek zetten! Het zal er geweldig uitzien!
416Ik ben het niet met je eens.
418Het is heel gevaarlijk om je bed bij het raam te hebben.
416Gevaarlijk?
418Als het onweert kan de bliksem een boom raken, en de boom kan je raam breken.
418Of er kan een moordenaar door het raam naar binnen komen!
416Wauw, Zari! Ik zie dat je hier veel over hebt nagedacht.
418Ik wil je alleen maar helpen en weten dat het goed met je gaat, Lily.
416Maak je geen zorgen. Mijn bed heeft altijd bij het raam gestaan.
418Altijd? Wil je niet een keer veranderen en iets nieuws proberen?
416Je weet dat ik niet houd van veranderingen.
418Ik heb een boek gelezen waar in stond dat het goed is, te slapen met je hoofd naar het Noorden.
416Het bed staat al met het hoofdeinde naar het Noorden.
418Zei ik naar het Noorden? Ik bedoelde naar het Zuiden!
416Zari! Zeg eens eerlijk! Waarom wil je mijn bed verplaatsen?
418Omdat het heel goed zal staan daar.
416Goed dan. Help me maar dan doen we het samen.
Als de meisjes het bed verplaatsen ziet Lily iets op het tapijt.
416Zari, heb je koffie geknoeid op mijn vloerbedekking?
418Ja, maar maak je geen zorgen! Als het bed daar staat zie je er niets meer van!